Woensdag 1 deel 1 Macarons met een vulling van sinaasappel curd

We beginnen met macarons. Waarom deze macarons ? Zaterdag zaten we op een feestje en een goede vriendin zei toen : ‘An, volgende keer graag oranje macarons.’ Bij oranje macarons dacht ik aan sinaasappel en kwam ik uit bij dit recept. Dus Lotte, hier komen de oranje macarons :-).

Eigenlijk beginnen we met de vulling van de macarons. Om eerlijk te zijn heb ik al een beetje vals gespeeld : de sinaasappel curd moet een hele nacht in de frigo staan, dus die heb ik gisteren gemaakt. Sinaasappel curd is een soort crème van Engelse afkomst die je nog voor veel meer kan gebruiken dan alleen maar als vulling voor koekjes. Zo wordt deze crème gebruikt om scones te besmeren, maar is ook lekker om bij je yoghurt te mengen.

Het recept voor deze curd heb ik hier gevonden : https://chilitonka.com/2014/03/09/makaroniki-pomaranczowe-orange-curd-macarons/. Hieronder geef ik nog even de beknopte Nederlandse uitleg.

Ingrediënten

100g suiker
100g boter
het sap van 2 appelsienen (= ongeveer 120ml)
de zeste van 1 appelsien
3 eieren

Volgens het recept moet je in je kookpan de eieren kloppen, de andere ingrediënten toevoegen en dan kloppen terwijl je kookpan op een medium-laag vuur staat. Ik vond dit super onhandig en zag het niet goed komen (kan ook aan mijn ongeduld liggen) en ben opnieuw begonnen.

Ik heb eerst de eieren geklopt in mijn Kenwood samen met de suiker, dan de boter toegevoegd en verder laten draaien.
Dan het sinaasappelsap en de zeste toegevoegd, nog even laten draaien en het mengsel in de kookpan gegoten.
Daarna is het een kwestie van kloppen alsof je leven ervan afhangt 10 minuten lang. Je mengsel moet dik worden en je moet blijven kloppen, anders kan je curd aanbranden of kunnen je eieren omelet worden en dat willen we niet.
Wanneer je klaar bent met kloppen (je arm zal er dan zowat af hangen) giet je alles in een kom die je kan afsluiten en zet je deze in de frigo. Ik heb de curd ook nog afgedekt met plastic folie zodat er zeker geen lucht aan kon.
Toen ik hem de volgende dag uit de frigo haalde, zag hij er zo uit:

De smaak was niet slecht, maar ben niet helemaal overtuigd, dus onder het motto we willen altijd beter doen :
– volgende keer sowieso de curd zeven om een gladdere crème te krijgen
– toch nog enkele aanpassingen aan het recept aanbrengen.
Wordt dus nog vervolgd ;).

Dan nu de macarons. Eerst en vooral even dit : wat in alle blogs en recepten wordt gezegd is echt waar : macarons zijn verschrikkelijk moeilijk om te maken. Er kunnen zoveel verschillende dingen mislopen : geen voetjes, een hol koekje, geen gladde bovenkant, … Ik heb tijdens de 2 weken kerstvakantie een versie of 7 doen mislukken, voor versie 8 eindelijk (naar mijn bescheiden mening dan toch) gelukt was. Ter illustratie : toen ik onze jongste zoon gisteren vroeg of hij mee ging helpen bakken vandaag, antwoordde hij : ‘wat ga je maken, mama? Die mislukte koekjes?’ Ik heb vele verschillende recepten geprobeerd en het recept dat je hier vindt, is het uiteindelijk geworden : http://forum.deleukstetaarten.nl/viewtopic.php?id=174646.

Laat je vooral niet ontmoedigen als je eerste baksels mislukken, ze smaken nog altijd goed, ze zien er alleen niet uit zoals het moet (vraag maar aan mijn echtgenoot die versie 1 t/m 7 met veel plezier heeft binnen geslagen :-)).
Ik heb enkele aanpassingen gedaan aan het recept, maar heb geen idee of dat nu de reden is waarom ze uiteindelijk wel willen lukken. Zeker het origineel recept checken want daar staan veel foto’s bij die een grote hulp waren (en nog altijd zijn).
1. De eiwitten
Eerst moet je je eiwit dus een 10-tal seconden in de microgolf steken. Ik probeer ook altijd eiwit op kamertemperatuur te gebruiken. In het recept staat 50g eiwit, maar ik gebruik gewoon het eiwit van 2 medium/large eieren, dat werkt ook.
2. De poedersuiker en het amandelpoeder
De poedersuiker en het amandelpoeder zeef ik in een kom die op mijn keukenweegschaal staat (zo krijg ik het correcte gewicht na het zeven, nl. 100g suiker en 55g amandelpoeder). Ik meng ze in mijn kleine hakmachine die bij mijn mixer hoort, zo kunnen er zeker geen te grote korrels meer inzitten en zijn suiker en poeder goed gemengd.


3. Eiwitten opkloppen
Ik doe dit normaal gezien in mijn Kenwood (zo’n handige machine, beste moederdagcadeau ooit, danku kindjes ;)), maar aangezien ik de klopper kapot heb gekregen (ja, dat kan dus blijkbaar echt gebeuren), gebruik ik vandaag de handmixer.
Ik ga te werk als volgt :
– wanneer het eiwit er schuimig begint uit te zien, voeg ik een snufje zout toe. Ik heb ergens gelezen dat dit helpt om de eiwitten te stabiliseren en je meringue dus beter doet lukken.

– wanneer het eiwit nog wat verder geklopt is (nog geen pieken te zien, maar je kan al wel lijntjes trekken in het eiwit), voeg je de kristalsuiker toe in 2 delen. Ik gebruik fijne kristalsuiker. Handig om op voorhand 2 potjes met suiker klaar te zetten.

– na nog wat kloppen, voor de stevige pieken verschijnen, voeg ik kleurstof toe. Ik gebruik kleurengel, poeder en vloeistof zouden de consistentie van je deeg te veel veranderen. Ik moet eerlijk zijn dat ik daarbij niet uit ervaring spreek, aangezien ik enkel de gel in huis heb.

– dan blijven mengen tot je stevige pieken ziet. De kleur vind ik niet super geslaagd, dus dat is dan ineens een werkpunt voor volgende keer.

4. Het macaroneren
En nu begint de miserie. Je begint met een schep van je droge ingrediënten toe te voegen aan het eiwit en dit dan goed door de eiwitten te VOUWEN, niet mengen, maar VOUWEN (vouwtutorial kan je vinden op youtube).
Als dit goed gemengd is, mag je de rest erbij voegen en dan gaat het erom om goed te kijken hoe je mengsel eruit ziet. Check zeker het originele recept voor de foto’s. Het recept zegt ook om zeker niet langer dan 5 minuten te vouwen, ik zet mijn timer op 4min.30 en check regelmatig de consistentie van het deeg. Zo ziet het er bij mij uit.

Meeste recepten spreken over lava-achtige slierten, je zou ook een 8 moeten kunnen maken in je deeg met wat er van je spatel valt. Het deeg mag niet te vast zijn, maar zeker niet te lopend. Bij een te lopend deeg is het helemaal mislukt, te vast kan je eventueel nog terug in de kom doen en een paar vouwen bij geven.
5. Spuitzak vullen, rondjes spuiten en drogen
Trucje om de spuitzak goed te vullen (moest je het nog niet kennen :-)).

Voor mooie gelijke rondjes gebruik ik een speciale siliconen bakmat.

Ik ben geen heldin met de spuitzak (hoop het stiekem ooit wel te worden), dus dit vind ik het gemakkelijkste. Je kan ze ook op bakpapier spuiten, om ze mooi gelijk te maken, kan je een sjabloon met rondjes onder je bakpapier leggen (wel verwijderen voor het eigenlijke bakken).
Dan tik je je bakplaat een paar keer stevig op je werkblad om luchtbelletjes te verwijderen. Ik prik de nog zichtbare belletjes hierna door met een tandenstoker.

(Zoals je kan zien ben ik er zelfs met siliconen bakmat in geslaagd om macarons te spuiten van verschillende grootte :-))
Dan laat je je macarons minstens een uur drogen (veel hangt af van hoe vochtig het in huis is). Er komt dan een soort van velletje op dat ervoor zorgt dat je die befaamde voetjes krijgt bij het bakken. Als je je macarons aanraakt en er plakt geen deeg meer aan je vinger dan zijn ze klaar om gebakken te worden. Lijken ze niet droog te geraken, dan bestaat er een trucje (halleluja, ook gevonden op een bakforum trouwens ):
– je verwarmt je oven voor op 180°
– je laat hem 5 minuten draaien op 180°
– je zet de oven uit (zeer belangrijke stap, anders kan je je macarons weggooien ;))
– je zet je macarons in de oven en laat de ovendeur openstaan en dit voor een 15 à 20 minuten
6. Het bakken
Ik zet mijn oven op onder- en bovenwarmte en begin met 12 minuten aan 140° (oven voorverwarmen uiteraard). Best een oventhermometer gebruiken, want als het te warm is, krijg je verkleurde macarons, bij een te koude oven, zouden ze kunnen barsten.
Dan check ik mijn macarons door lichtjes te duwen tegen 1 van de voetjes, zit er nog beweging in (wat bij mij altijd het geval is), gaat de oven terug dicht en zet ik de oven op 130° voor 5 minuten.
Nog eens controleren en eventueel nog 3 minuten op 130°.
Wanneer er na 12 minuten geen voetjes zijn, gaan er jammer genoeg ook geen meer komen, maar zoals gezegd, niet te hard getreurd, de koekjes zijn nog wel lekker. Dit was mijn halleluja-momentje :-).

Ik laat de koekjes afkoelen op de bakplaat (ik moet zeggen, ik laat ze nu afkoelen op de bakplaat aangezien ik vorige keer zo enkel hoedjes meehad door te snel te willen zijn).
Wanneer afgekoeld voorzichtig verwijderen en dan vullen. Wanneer je koekjes moeilijker los geraken, volgende keer iets langer in de oven laten (was bij mij bij sommige het geval). Het beste resultaat zou er zijn na een 24u in de koelkast, zo kunnen de smaken van de vulling en het koekje zich optimaal vermengen en verandert de structuur van het koekje ook, dus de proeftest is voor morgen :-).

Zoals je kan zien zijn de ene koekjes al beter gelukt dan de andere, oefening baart kunst, dit zal dus niet de laatste post over macarons zijn.

Veel bakplezier en vooral veel proefplezier :-)!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.